Glastuinbouw in de regio zet grote stappen in verdere digitalisering

De Nederlandse glastuinbouw staat internationaal hoog aangeschreven. Maar om die positie te behouden moet de sector investeren in digitalisering. Dat maakt bijvoorbeeld concepten als autonoom telen mogelijk. Daarvoor is het belangrijk dat tuinbouwondernemers én hun medewerkers bekend worden met de mogelijkheden van digitale technieken én de taal van techbedrijven spreken. Colinda de Beer (InnovationQuarter): “De mate waarin de glastuinbouw over tien jaar nog leidend is, is afhankelijk van hoe de sector nú digitalisering omarmt.”

Digitalisering is de glastuinbouw niet vreemd. Al decennialang gebruiken telers computers voor bijvoorbeeld het regelen van het kasklimaat of het registreren van de teelt. Maar daarmee is de digitalisering van de sector nog niet afgerond. Verre van dat. Robots, drones, sensoren, kunstmatige intelligentie en algoritmes zullen de glastuinbouw nog efficiënter, duurzamer, economisch rendabel én internationaal concurrerender maken, verwacht Jolanda Heistek, programmadirecteur bij Greenport West-Holland. “Om de kwalitatieve en duurzame toppositie in de wereld te behouden, is digitalisering essentieel.”

De bestuurscommissie Economisch Vestigingsklimaat van de Metropoolregio Rotterdam Den Haag wil die verdergaande digitalisering daarom een extra stimulans te geven. De commissie besloot onlangs om - in het kader van het programma ‘Sterker uit de crisis’ - te investeren in het project ‘Werken aan de digitale toekomst van de Nederlandse tuinbouwketen’. Dat project heeft twee leerlijnen: het vergroten van de digitale weerbaarheid van tuinbouwondernemers, en het samenbrengen van ondernemers en techbedrijven om nieuwe verdienmodellen te ontwikkelen.

Margreet van Driel, wethouder Werk en Inkomen voor de gemeente Zoetermeer en regiobestuurder bij de Metropoolregio Rotterdam Den Haag. “De glastuinbouw is een belangrijke sector voor onze regio. Als je die sector wilt versterken, dan zijn fundamentele veranderingen nodig. Het gaat dan met name om digitale transformatie. We willen daarom ondernemers helpen de vraag te stellen: welke rol wil ík spelen in de toekomst?”

Tuinbouwbedrijven hebben enorm veel data. Het is dus belangrijk dat systemen veilig zijn

Digitalisering als doorbraakinnovatie

Colinda de Beer is business developer bij InnovationQuarter, expert op het gebied van digitalisering in de glastuinbouw en een van de auteurs van de Digitaliseringsvisie voor de glastuinbouwsector. Ze merkt dat er grote verschillen zijn tussen ondernemers als het gaat om digitale skills én om het bewustzijn dat digitalisering steeds belangrijker wordt. Dat geldt zeker bij productiebedrijven. “De ene ondernemer is de andere niet. Er zijn koplopers, en er zijn telers die bij wijze van spreken net begonnen zijn met digitalisering en dat terwijl de toekomst van de glastuinbouw steeds digitaler wordt.” Zo kunnen telers met sensoren en beeldherkenning meer data verwerven over de status van hun gewas. Met die informatie kunnen ze bijvoorbeeld de productie beter sturen, met minder inzet van energie of water. Of ze kunnen nog beter bepalen wanneer welke gewassen geoogst moeten worden. En dat zijn nog maar de ‘eenvoudige’ voorbeelden. Want de volgende stap is onder meer autonoom telen: in dat geval neemt digitalisering een deel van de bedrijfsvoering van de teler over. Dat zet dan de deur open voor nieuwe verdienmodellen, zoals telen op afstand.

De Beer: “De mate waarin de glastuinbouw over tien jaar nog leidend is, is afhankelijk van hoe de sector nú digitalisering omarmt.” Heistek: “Digitalisering is niet voor niets een van de speerpunten van het Innovatiepact van de Greenport West-Holland, waarbinnen vele tientallen regionale partners samenwerken aan doorbraakinnovaties.”

Tijdens Hack in de Kas proberen een teler, een IT-specialist en een ethical hacker een kas digitaal binnen te dringen

Veilig ondernemen

Voor die digitale toekomst zijn er enkele randvoorwaarden. Allereerst dat ondernemers ‘digitaal weerbaar’ zijn, dus dat ze beter voorbereid en bewust zijn. Dat is dan ook de eerste leerlijn van het project ‘Werken aan de digitale toekomst van de Nederlandse tuinbouwketen’. Zo krijgen mbo-studenten les van medewerkers van MKB Cyber Advies in digitale veiligheid: ze moeten onder meer een onderzoek doen naar de veiligheid van hun stagebedrijf.

En voor ondernemers komt er een risicoworkshop. Dick Brandt van MKB Cyber Advies: “Ze leren dan met andere ogen naar hun bedrijf kijken. Ook wordt er binnen deze leerlijn verkend hoe nascholing van bestaande ondernemers op gebied van digitale weerbaarheid opgezet kan worden.”

Volgens Brandt kan de digitale weerbaarheid van de tuinbouwondernemer wel een zetje gebruiken. Volgens hem denken nog veel ondernemers dat bijvoorbeeld hacks of ransom ware niet plaatsvinden in de sector. Helaas ten onrechte. “In andere sectoren zijn ondernemers een stuk alerter.” Daarom ontwikkelden Brandt en De Beer een training om tuinbouwondernemers te leren denken als een hacker. Samen met een IT-specialist uit hun onderneming en een ‘ethical hacker’ krijgen ze dan de opdracht een fictief object digitaal binnen te dringen. Hack in de Kas heet de training, die na de zomer begint.

Heistek: “Tuinbouwbedrijven hebben enorm veel data. Het is dus belangrijk dat systemen veilig zijn: niet alleen voor het eigen bedrijf, maar voor het hele cluster. Immers, bedrijven zijn onderdeel van een keten. Zo zijn groentebedrijven onderdeel van ons voedselsysteem, waarvan bijvoorbeeld ook logistieke bedrijven deel uitmaken. Het zijn dus ketenvraagstukken. Daarom werken we nauw samen met The Hague Security Delta en praktijkbedrijven om te onderzoeken hoe de tuinbouw dit als keten kan beetpakken.”

 

De glastuinbouw beweegt in de richting van het autonoom telen: dat is de heilige graal

Kennismaken tussen tuinbouw en techbedrijven

De tweede leerlijn waaraan wordt gewerkt gaat over nieuwe verdienmodellen voor de tuinbouw. Om die verdienmodellen mogelijk te maken, moeten tuinbouwondernemers en techbedrijven samenwerken aan innovaties. En dat betekent dat twee werelden samengebracht moeten worden. Heistek: “Dat is voor beide partijen - tuinbouw en techbedrijven - vaak een zoektocht. Ieder heeft zijn expertise in zijn eigen systeem.”

Dat herkent Jasper van der Auweraert van Sobolt, een bedrijf dat kunstmatige intelligentie koppelt aan beeld- en 3D-herkenning en sinds een jaar actief is in de glastuinbouw. “De Nederlandse glastuinbouw is internationaal zeer vooruitstrevend. Maar dat kan ervoor zorgen dat een sector achteroverleunt. En de tuinbouw is zeer gewend aan digitale technieken, maar die worden meestal kant-en-klaar gekocht. Bijvoorbeeld kunstmatige intelligentie-toepassingen moeten eerst meermaals in de praktijk getest en doorontwikkeld worden. Dat soort samenwerking gebeurt minder in de tuinbouw.”

In deze leerlijn worden daarom onder meer workshops georganiseerd, waarbij een techbedrijf en een tuinbouwbedrijf samenwerken aan innovatie. In die bijeenkomsten is de vraag aan tuinbouwbedrijven hoe ze hun toekomst zien en wordt gezamenlijk uitgezocht welke rol AI en digitalisering daarbij kunnen spelen. Zo is Sobolt gekoppeld aan een orchideeënkweker. Van der Auweraert: “De glastuinbouw beweegt in de richting van het autonoom telen: dat is de heilige graal. Wij kunnen daaraan bijdragen door de plant goed te observeren en die informatie in een feedbackloop terug te koppelen aan bestaande systemen. Dat is het mooie aan de tuinbouw: het is een sector die technisch gezien enorm veel kansen biedt.”

Leven Lang Leren

Voor de beide leerlijnen zijn concrete doelstellingen geformuleerd. Zo worden vijftig bedrijven geholpen met het invullen van hun digitale uitdagingen en komt er een koppeling met het regionale onderwijs (mbo, hbo en wo). Dat spreekt wethouder en regiobestuurder Van Driel zeer aan. Die concrete doelstellingen zijn bovendien het resultaat van samenwerking tussen verschillende partijen: onderwijs en ondernemers. Een kers op de taart.

“Als je de regio wilt versterken en sterker uit de crisis wilt komen, dan is samenwerking tussen bedrijven en onderwijs, en tussen regionale clusters zeer belangrijk, zeker als het gaat om digitalisering”, aldus Van Driel. Dat gebeurt ook binnen de campus Dutch Innovation Factory (DIF) in Zoetermeer, waar hbo-studenten en mkb samenwerken op het gebied van automatisering. Van Driel: “De DIF richt zich nog niet op de tuinbouw, maar ik sluit niet uit dat zoiets in de toekomst gebeurt.” Heistek juicht deze samenwerking ook toe. “Met de onderwijs- en kennispartners van de DIF, zoals De Haagse Hogeschool en TNO, werken we al intensief samen. Door verbindingen in cluster in de MRDH stimuleren we de regionale economie en kennispositie”.

Van Driel: “Het mooie aan het project ‘Werken aan de digitale toekomst van de Nederlandse tuinbouwketen’ is dat het zich richt op Leven Lang Leren in de tuinbouw. Dat is niet altijd even makkelijk, want het onderwijs heeft soms een ander tempo dan het bedrijfsleven. Met dit soort projecten worden onderwijs en arbeidsmarkt nauwer met elkaar betrokken. Dat is de kracht van samenwerking.”

 

fotocredit: PATS Indoor Drone Solution's