Vervoerplanprocedure 2021

Naar overzicht
10 januari 2020
Metro gaat langs station Wilhelminaplein Rotterdam

Steeds meer mensen maken gebruik van het openbaar vervoer. Voor vervoerders is het een uitdaging om met de bestaande budgetten en het materieel die groeiende vraag naar ov op te vangen. Want tegelijkertijd stijgen de kosten voor beheer en onderhoud van voertuigen en railinfrastructuur.

De beschikbare budgetten voor de exploitatie van het openbaar vervoer in 2021 blijven gelijk, behalve voor de trams van HTM. Voor 2021 hebben de 23 wethouders Verkeer en Vervoer een voorstel gedaan om voor HTM Rail in totaal 5 miljoen euro (periode 2020-2031) extra te besteden om knelpunten in de dienstregeling op te vangen. Het algemeen bestuur van de metropoolregio moet dit nog goedkeuren.

Ook de RET heeft moeite om de groei van het OV-gebruik op te vangen en alle reizigers mee te kunnen nemen. In de nieuwe dienstregeling voor 2020 zijn enkele maatregelen genomen voor het optimaliseren van de inzet van de voertuigen, bijvoorbeeld op de lijn tussen Zuidplein/Slinge en Waalhaven/Heijplaat.

In de spits is het heel druk, terwijl op andere momenten van de dag nog lege stoelen zijn. Samen met MRDH kijken de vervoerders daarom hoe zij reizigersdrukte beter over de dag kunnen spreiden. Bijvoorbeeld met een werkgevers- en scholenaanpak. De Verkeersonderneming en Bereikbaar Haaglanden voeren deze uit. Door middel van o.a. het schuiven van les- of werktijden is het minder druk in het ov tijdens de spits doordat reizigers op verschillende momenten reizen en niet allemaal op hetzelfde tijdstip.  Mochten deze maatregelen uit de dienstregeling voor 2020 en de aanpak die RET uitwerkt met MRDH niet tot het oplossen van de knelpunten leiden, dan kunnen zij een verzoek voor extra budget indienen.

Het moment om het aanbod van openbaar vervoer aan te laten sluiten op de vraag is de jaarlijkse vervoerplanprocedure die uiteindelijk moet leiden tot een dienstregeling voor het volgende jaar. De 23 wethouders van de gemeenten hebben deze procedure in december 2019 voor de vervoerplannen van 2021 vastgesteld. Vervoerders gaan hiervoor in het voorjaar 2020 met gemeenten in gesprek om voorgestelde wijzigingen en wensen van gemeenten voor openbaar vervoer te bepalen. De MRDH toetst of de vervoerplannen voldoen aan de beleidskaders en beschikbare budgetten. De gemeenten en reizigersorganisaties kunnen vanaf maart tot en met mei 2020 reageren op de plannen. In juli 2020 volgt bespreking van de vervoerplannen door de 23 wethouders van de metropoolregio.