Lastenverlichting op laagbetaalde arbeid levert veel banen op

Naar overzicht
16 oktober 2015

Lagere werkgeverslasten op laagbetaalde arbeid zorgen voor veel extra werk. Een jaarlijkse investering van 0,5 mld euro levert meer dan 60.000 banen op. Dit blijkt uit een verkennend onderzoek dat de Economische Programmaraad Zuidvleugel (EPZ) heeft laten uitvoeren. De EPZ is daarom blij met het wetsvoorstel tegemoetkoming loondomein. Het kabinet stelt voor dat het voor werkgevers 2000 euro goedkoper wordt iemand in dienst te nemen die iets meer dan het minimumloon verdient.

De Zuidelijke Randstad kampt met hoge werkloosheid, ondanks aantrekkende economische groei. Vooral lager opgeleiden staan aan de kant, zo blijkt uit CPB cijfers (juni 2015). In Zuid-Holland zijn dat er 58.000. Het CPB heeft berekend dat zonder maatregelen de werkloosheid onder laaggeschoolden kan groeien naar 11%.

Partijen in de EPZ vinden bovengenoemde cijfers vanuit sociaal en economisch oogpunt onaanvaardbaar. Iedereen is nodig om het investeringsklimaat in onze regio en Nederland gunstig te houden. Eén van de negen punten uit de EPZ actieagenda is daarom arbeidsparticipatie. Het doel: iedereen doet mee.

De EPZ heeft Magazijn13 gevraagd te onderzoeken of lagere lasten op laagbetaalde arbeid een goed instrument kan zijn om meer werk voor deze groep te creëren. Het rapport Opbrengsten en kosten van een afdrachtskorting gericht op laagbetaalde banen laat zien dat hier goede argumenten voor zijn. Het levert veel banen op en het is ook een logische maatregel die zich elders bewezen heeft.

Hèt probleem van veel laaggeschoold werk is dat de loonkosten hoger zijn dan de arbeidsproductiviteit. Anders gezegd: de werknemer kost meer dan hij oplevert. Veel van de traditionele maakindustrie vindt daarom niet meer in Nederland plaats en onze regio vormt hierop geen uitzondering. De voorgestelde maatregel verlaagt de loonkosten voor de werkgever en maakt het dus aantrekkelijker werk in Nederland uit te voeren. Een dergelijke maatregel bestaat al in de ons omringende landen en is succesvol. De werkloosheid daalt in België en in Duitsland sneller dan in Nederland. Langjarig onderzoek in Frankrijk toont aan dat de lagere lasten op laagbetaalde arbeid ook economisch gezien effectief zijn: het levert de schatkist meer op dan de investeringskosten.

Extra betaalde banen voor deze groep zorgen behalve voor werk ook voor meer kansen op ontplooiing en een hoger besteedbaar inkomen. De extra koopkracht kan onze economie weer verder laten groeien. Tegelijk besparen we fors op uitgaven voor uitkeringen. En last but not least: bedrijven groeien en produceren meer in Nederland.

Het kabinet heeft op Prinsjesdag het wetsvoorstel tegemoetkoming loondomein gepresenteerd. Onderdeel hiervan is het zogenaamde lage-inkomensvoordeel. Voor werkgevers geldt het volgende: het voordeel bedraagt maximaal € 2000 per werknemer per jaar op basis van een 38-urige werkweek. Dit geldt voor werknemers met een loon tussen 100 en 110% van het wettelijk minimum loon, die in één jaar ten minste 1248 uur gewerkt hebben bij dezelfde werkgever. Voor elke werknemer met een loon tussen 110 en 120% van het wettelijk minimum loon bedraagt het loonkostenvoordeel, onder dezelfde condities, maximaal € 1000.

De EPZ steunt dit kabinetsvoorstel en roept op tot snelle uitvoering van de plannen. Deze wet ligt in lijn met de voorstellen die in het onderzoek Opbrengsten en kosten van een afdrachtskorting gericht op laagbetaalde banen aandraagt.

Geen tijd om het hele rapport te lezen? Lees hier dan de samenvatting.

 

Bron: 
epzuidvleugel.nl